, 22 november 2021

Actieve openbaarmaking en de AVG

image for Actieve openbaarmaking en de AVG image Achtergrond

‘Eenieder heeft recht op toegang tot publieke informatie zonder daartoe een belang te hoeven stellen, behoudens bij deze wet gestelde beperkingen.’ Dit uitgangspunt is vastgelegd in artikel 1 van de Wet open overheid (hierna: Woo). Maar is dit uitgangspunt praktisch wel altijd haalbaar? En wat is de impact van dit recht op betrokkenen en organisaties? Waar kent dit recht zijn grens? En wat zijn die ‘behoudens bij deze wet gestelde beperkingen’?

De Woo zal per juni 2022 de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) vervangen. Zoals gezegd, wordt met de Woo het recht op toegang tot publieke informatie in de Nederlandse wetgeving verankerd. Bovendien kan dit recht bij de rechter worden afgedwongen.
In deze bijdrage wordt met name gekeken naar de (privacy-)impact van de actieve openbaarmakingsplicht uit het wetsvoorstel Open overheid op privacy-issues. Het belang van openbaarheid staat immers vaak op gespannen voet met het recht op privacy van betrokkenen. De privacywet- en regelgeving gaat er in beginsel van uit dat persoonsgegevens vertrouwelijk worden behandeld en zo minimaal mogelijk worden verwerkt. Bestuursorganen bezitten grote hoeveelheden informatie die – indien geopenbaard – een grote inbreuk zouden kunnen maken op de privacy van betrokkenen. Tegelijkertijd zou het onwenselijk zijn als informatie nooit geopenbaard zou kunnen worden als die op enigerlei wijze betrekking heeft op de identiteit van personen. Hoe verhouden deze uitgangspunten zich tot elkaar?

*Dit is het eerste deel van een artikel uit Od15: Grip op informatieLees hier verder.