29 mei 2012

Voorbij de elektronische overheid

image for Voorbij de elektronische overheid image

Interoperabel Nederland cover

Deel IV is een interessant deel. Bij sommige schrijvers is een woordenboek aan te bevelen om de zeer bloemrijke taal te kunnen begrijpen, maar toch staan er veel toekomstscenario’s in die de moeite van het lezen waard zijn.

Interoperabel Nederland cover

Deel IV is een interessant deel. Bij sommige schrijvers is een woordenboek aan te bevelen om de zeer bloemrijke taal te kunnen begrijpen, maar toch staan er veel toekomstscenario’s in die de moeite van het lezen waard zijn.
Hierbij een korte samenvatting, voorafgegaan door de inleiding van dit betreffende deel (dan kunt u ook alvast een beetje wennen aan de schrijfstijl).

Inleiding
Welkom op ontmoetingsplaats – Nico Westpalm van Hoorn, Peter Waters en Pieter Wisse
“Nogal gemengd van inhoud zijn de zeven hoofdstukken in deel IV: Voorbij de elektronische overheid. De aanduiding ‘voorbij’ lijkt vooralsnog zelfs te optimistisch, maar dient (dus) propaganda voor consequente vermaatschappelijking van interoperabiliteit. In werkelijkheid geeft het vierde deel blijk van de voortgaande worsteling met schaalverruiming. Enkele hoofdstukken zijn gekenmerkt door extrapolatie en wijken aldus niet af van het kader voor de ‘traditionele’ elektronische overheid. Als contrast dienen andere hoofdstukken, respectievelijk passages met een voorstelling van een paradigmawissel.”

Een samenvatting van de hoofdstukken
Naar een mensgerichte overheid – Adrie Spruit
Een prettig leesbaar verhaal (bijna een sprookje: er was eens een overheid die de mens centraal stelde) over de ontkokering van de overheid en de (on)mogelijkheden op de weg ernaartoe. In dit onderdeel wordt het veelkoppige overheidsmonster verslagen, mede dankzij de mogelijkheden van ICT (verbinden van werkprocessen en systemen van verschillenden organisaties).

In Engeland gaan de auto’s nu ook rechts rijden! – Maarten Hillenaar
Van eOverheid naar iOverheid: van bits en bytes naar content. Een iOverheid die gebaseerd is op vertrouwen; vertrouwen in correct gebruik van persoonlijke informatie, echter géén informatie over ICT-projecten (geen melding van vertraging). Verbeteringen kunnen doorgevoerd worden met het ICT-dashboard, shared services organisaties, de Model Architectuur van het Rijk (MARIJ), maar vooral met een onzichtbare informatiehuishouding om zo vanuit de burger te kunnen werken en te anticiperen op wat hem of haar beweegt.

Van Gogel naar Google: toezicht as a service? – Rex Arendsen en Theo Klarenbeek
Op basis van een zeer futuristische schets van financiële administratieprocessen (facturen zijn er niet meer; transacties worden direct gelabeld en doorgezet, zelfs tot aan de accountant en Belastingdienst aan toe) wordt de transitie omschreven van het toezicht van de Belastingdienst. Van lasten naar financiële lusten is het credo.

Netwerkoverheid – Jan van Dijk en Anneleen van Beek
Voor diegenen die graag alles willen weten van de nieuwste organisatiestructuur: de netwerkoverheid, is dit gedeelte een must. Het beschrijft netwerken en netwerkconfiguraties bij de overheid, drie ideaaltypische sturingswijzen en geeft principes voor het management van netwerken bij de overheid.

Binnenlands bestuur: een blik vooruit naar de uitdagingen van gemeenten in 2025 – Boudewijn Steur en Aart van Dam
In dit onderdeel komen diverse ontwikkelingen en hun impact op het binnenlands bestuur aan bod. Van de economische crisis en de gewenste veranderende vaardigheden van medewerkers in een steeds meer kennisintensieve samenleving tot democratisering van kennis (gelijke toegang tot kennis) en de daarbij behorende beweging van het gelijktrekken van burgers en maatschappelijke (belangen)organisaties.

Ontwerp van een verantwoordelijke democratie: collectief elan en individuele inspiratie door samenwerkende 4B’s – Ad de Rooij
Dit onderdeel gaat over de vernieuwing van onze bureaucratie door samenwerking tussen Burgers, Bestuurders, Bureaucraten en Bedrijven (de 4 B’s) in de elementen ‘visie’, ‘creativiteit’, ‘verantwoordelijkheid’, ‘integratie en co-creatie’.
Om deze vernieuwing tot stand te laten komen, is het van belang om dode organisaties te herkennen (een uitbreide uitleg wordt gegeven) en te weten hoe deze weer tot leven te wekken zijn.

Interoperabiliteit in uitvoering: Programmaraad Stelsel van Basisregistraties – Erik Jonker, Michiel Schoo en Dirk Schravendeel
Dit laatste onderdeel gaat dieper in op het stelsel van basisregistraties. Dit kan een cruciale rol spelen als bodemplaat voor de informatiehuishouding van de Nederlandse overheid en daarmee verbonden partijen. Als het af is ten minste, iets waar de gelijknamige Programmaraad druk mee bezig is. Maar dan kan ook het synergie-effect ontstaan: niet de informatie per basisregistratie maakt het interessant, maar juist de combinatie van alle aangesloten partijen.

Conclusie
De toekomst ziet er rooskleurig uit. Die is in ieder geval digitaal en toch nog menselijk. Dat is fijn om te lezen en ook is het prettig dat de schrijvers het er hier min of meer over eens zijn.
Voor de rest is er echter nog weinig interoperabiliteit in de verhaallijn te ontdekken.
Wellicht een idee voor een volgende uitgave: een vlot lopend verhaal dat goed op elkaar aansluit? En misschien in iets simpelere schrijfstijl als het kan, zodat degenen die de daadwerkelijke uitvoering zullen moeten doen het ook nog enigszins kunnen begrijpen, als deze theoretische verbeteringen uiteindelijk geïmplementeerd worden!
Maar goed, in dit hoofdstuk staan genoeg nieuwe ideeën om weer een tijdje vooruit te kunnen. Lees ze vooral zelf na, digitaal of in het gratis te bestellen boek.* 

e.a.m.maes@tudelft.nl, Esther Maes is redactielid van Od.

* Interoperabel Nederland, Forum Standaardisatie, ISBN 978-79490-03- 5; te downloaden van http//www.forumstandaardisatie.nl/actueel/item/titel/e-book-versie-interoperabel-nederland